{"id":1585,"date":"2026-03-10T17:32:56","date_gmt":"2026-03-10T17:32:56","guid":{"rendered":"https:\/\/dswpieters.nl\/?p=1585"},"modified":"2026-03-12T13:55:56","modified_gmt":"2026-03-12T13:55:56","slug":"psalm-37","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/dswpieters.nl\/index.php\/2026\/03\/10\/psalm-37\/","title":{"rendered":"psalm 37"},"content":{"rendered":"\n<p>Voor het Engelse origineel, zie: <a href=\"http:\/\/classicchristianlibrary.com\/library\/dickson_david\/Dickson-Psalms-v1.pdf\">http:\/\/classicchristianlibrary.com\/library\/dickson_david\/Dickson-Psalms-v1.pdf<\/a><\/p>\n\n\n\n<p><strong>Psalm 37<\/strong><\/p>\n\n\n\n<p><sup>1)<\/sup>1. <em>[EEn Psalm] Davids.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p><sup>1)<\/sup> De Bijbeltekst geef ik in de oorspronkelijke Statenvertaling, editie 1637<\/p>\n\n\n\n<p>Voor de oudere vertaling (Deux-Aes) zie: <a href=\"https:\/\/www.bijbelsdigitaal.nl\/view\/?bible=deuxa1562\">https:\/\/www.bijbelsdigitaal.nl\/view\/?bible=deuxa1562<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>Deze Psalm is er op gericht de godvrezenden te beschermen tegen de gewone verzoekingen tot afgunst, wedijver, ontevredenheid en moedeloosheid in de weg van godzaligheid, zoals die voortvloeit uit de tijdelijke voorspoed van de goddelozen. En dit door acht aanwijzingen of raadgevingen van de Heere. Ieder daarvan is bevestigd door redenen, die meestal vergelijkingen zijn van de gezegende staat van de godvrezenden in hun slechtste omstandigheden, met de staat van de goddelozen in hun beste omstandigheden. De eerste aanwijzing of raadgeving, vers 1 en 2; de tweede, vers 3; de derde, vers 4; de vierde, vers 5 en 6; de vijfde, vers 7; de zesde, vers 8\u201426; de zevende, vers 27\u201433; de achtste aanwijzing, vers 34 tot het eind.<\/p>\n\n\n\n<p>1. <em>En ontsteeckt u niet over de boosdoenders: en benijdtse niet die onrecht doen.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>2. <em>Want als gras sullen sy haest worden afgesneden; ende als de groene gras-scheutkens sullen sy afvallen.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>De eerste aanwijzing is om op te passen om zich te ergeren aan of afgunstig te zijn op de voorspoed van de goddelozen, omdat hun voorspoed maar tijdelijk is. Leer hieruit:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>Goddelozen kunnen in de wereld in een voorspoediger situatie verkeren dan godvrezenden, en vaak zijn zij dit ook voor het grootste deel. Want dit wordt hier verondersteld als een gewone verzoeking in alle tijden en plaatsen.<\/li>\n\n\n\n<li>Al verschaffen vleselijke redenering en ingevingen van de satan en de verdorven natuur, uit de voorspoed van de goddelozen en uit de algemeen voorkomende moeiten van de godvrezenden, verzoekingen voor de godvrezenden om ontevreden te zijn met Gods bestuur, toch moeten de godvrezenden oppassen dat zij door deze verzoeking niet overwonnen worden of op enige manier eraan toegeven:<em> ontsteek u niet = erger u niet over de boosdoeners<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Zoals aan de ene kant de verzoeking tot ontevredenheid een aanval doet om de godvrezenden te brengen tot het moe-zijn in goed doen, zo is de verzoeking om te wedijveren met de koers van de goddelozen en hun weg te volgen, een aanval aan de andere kant, maar mag ze in geen geval ruimte krijgen: <em>wees niet jaloers op de werkers van ongerechtigheid<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Als goed werd overwogen dat al de voorspoed van de goddelozen slechts dingen betreft van de uitwendige mens, en dat deze voorspoed slechts tijdelijk is en vaak korter duurt dan zijn eigen broze leven, dan zou daarin geen reden te vinden zijn om jaloers te zijn:<em> want als gras zullen zij spoedig worden afgesneden, en als de groene grasscheutjes zullen zij afvallen<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>3. <em>Vertrouwt op den HEERE, ende doet het goede; bewoont de aerde, ende voedt u [met] getrouwicheyt.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>Leer van het tweede punt van Gods raad en aanwijzing:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>Vasthouden aan het verbond der genade met God gemaakt door Christus, en ons ervoor inzetten om de vruchten van het geloof voort te brengen in gehoorzaamheid aan Gods bevel, is een koninklijk geneesmiddel tegen ontevredenheid met onze eigen omstandigheid, en tegen het jaloers zijn op de goddelozen:<em> vertrouw op de HEERE, en doe het goede<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Te blijven in geloof en gehoorzaamheid aan God, wat we ook aan verzoeking ontmoeten, is de zekerste weg om Gods zegen in dit leven te hebben, en om na dit leven de hemel te hebben, afgebeeld door Kana\u00e4n:<em> vertrouw op de HEERE, en doe het goede; dan zult u het land bewonen<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>De oprechte gelovige in God is de enige die recht gebruik maakt van de schepping, en in wiens beker het ware en uitgeperste sap van Gods weldaden wordt geschonken, wiens brood in olie is gedoopt en in wie het geestelijk leven gedurig wordt onderhouden: <em>werkelijk zult u<\/em>, die zo\u2019n persoon bent, <em>gevoed worden<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>4. <em>Ende verlust u inden HEERE; so sal hy u geven de begeerten uwes herten.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>Leer van de derde aanwijzing om verzoeking af te weren:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>De godvrezende heeft volmacht om God het Voorwerp van zijn vermaak te maken, Die, nadat Hij met de gelovige is verzoend door de Middelaar, het Eigendom van de gelovige is geworden, in Wie hij zich gedurig mag verheugen. Maar het voorwerp van een goddeloze in zijn voorspoed is slechts een schepsel, of een tijdelijke kleinigheid. Want tegen de gelovige wordt gezegd:<em> verlustig u in de HEERE<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Hoewel de gelovige rijk is in zijn rechten, is hij toch traag in het gebruikmaken ervan en heeft hij het nodig om aangevuurd te worden om bezit te nemen:<em> verlustig u<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Als de gelovige gebruik zal maken van zijn verbondsrecht en belang in God, en zijn genegenheid op Hem stelt, dan zal hij zulk een echte tevredenheid en verzadiging in God vinden, dat hij de situatie van de meest voorspoedige goddeloze in de wereld niet zal benijden. Want er staat:<em> verlustig u in de HEERE, en Hij zal u geven de begeerten van uw hart<\/em>. En zeker, het vergeten van, of het niet luisteren naar deze aanwijzing, is de oorzaak van ons ontevreden-zijn met ons lot en van ons jaloers-zijn op de goddeloze.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>5. <em>Wentelt uwen wech op den HEERE; ende vertrouwt op hem, hy sal\u2019t maken;<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>6. <em>Ende sal uwe gerechticheyt doen voortkomen als het licht; ende u recht als den middach.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>Leer van de vierde aanwijzing:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>Wanneer we de last van onze eigen zaken zelf dragen en met bezorgdheid en gebrek aan succes worden gekastijd, en met afgunst zien op de goddelozen die voorspoediger zijn dan wij, is het beste geneesmiddel: eerst onze plicht te doen, zoals we in staat zijn gesteld, in het gebruik maken van de middelen; dan onze zorg wat betreft het succes op God te werpen, zoals de ploeger doet, wanneer hij zijn land heeft geploegd, en de last verder op God te laten rusten. En laten we deze niet weer van Hem afnemen, maar ons gemoed tot rust brengen, vastbesloten om de oogst te accepteren, zoals Hij ze zal zenden:<em> wentel uw weg op de HEERE, en vertrouw op Hem<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Iemand die deze aanwijzing volgt, zal het best voortgang maken in zijn zaken, omdat God dat zal doen waarvoor hij reden heeft om tevreden over te zijn. Want dat wat hij gedaan wilde hebben, zal worden bereikt, of dat wat beter is:<em>wentel uw weg op de HEERE, en Hij zal zorgen dat het gebeurt<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Het is mogelijk dat de godvrezende die deze aanwijzing volgt, op een verkeerde manier wordt beoordeeld en zowel zijn werk als waardering onder de mensen verliest, maar het zal niet lang zo zijn: want <em>God<\/em> <em>zal uw gerechtigheid doen voortkomen als het licht<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Al kan het zijn dat de godvrezende en zijn zaak door een kortere of langere winternacht van moeite worden verduisterd, zoals het God zal believen te bepalen, toch zal hij \u00e9n zijn zaak en zijn oprechtheid bevonden worden door God te zijn gezuiverd op de juiste tijd:<em> Hij zal uw recht<\/em>, of bevel tot vrijspraak,<em> doen voortkomen als de middag<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>7. <em>Swijcht den HEERE, ende verbeydt hem, ontsteeckt u niet over den genen, wiens wech voorspoedich is, over eenen man, die listige aenslagen uyt voert.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>Leer van de vijfde aanwijzing:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>De overwinning over de verzoeking om de goddeloze te benijden, wordt niet meteen behaald, ook niet door vleselijke redeneringen, maar door geloof in God en geduldig op Hem wachten: <em>rust in de HEERE en wacht geduldig op Hem<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Omdat de verzoeking om ontevreden te zijn sterk is, wanneer de goddelozen zoveel van wat zij willen, gedaan krijgen, en zoveel van hun plannen verwezenlijkt worden, daarom hebben wij het nodig om keer op keer aangespoord te worden om deze verzoeking te weerstaan. Daarom wordt opnieuw gezegd:<em> erger u niet over degene wiens weg voorspoedig is; over een man die listige aanslagen uitvoert<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>8. <em>Laet af van toorne, ende verlaet de grimmicheyt: en ontsteeckt u niet, immers [niet] om quaet te doen.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>De zesde aanwijzing is om deze verzoeking te beteugelen, in het geval dat ze iemands geest al besmet en in brand gestoken heeft, opdat ze niet uitbreekt en de gelovige zijn hand doet uitsteken naar ongerechtigheid. Leer hieruit:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>De brutaliteit van de goddelozen is zodanig, en hun uitdagen van de godvrezenden is vaak zo groot, dat hun gemoed erg opgepord wordt en aangestoken met verontwaardiging en gedachten aan persoonlijke wraak. Toch moet deze hartstocht bij de godvrezenden niet de overhand behalen, maar ze moet worden bestreden: <em>stop met toorn<\/em><em>, en verlaat de grimmigheid<\/em>; wraak is van de Heere, Hij zal het betaald zetten.<\/li>\n\n\n\n<li>De godvrezende moet de gevoelens van ergernis, boosheid of afgunst ten opzichte van de goddelozen schuwen. En als er boosheid binnenkomt, moet hij ermee stoppen. Als het zich aan hem opdringt met voorwendsels van redelijkheid of met een krachtige opwelling, moet hij die <em>verlaten<\/em>. Maar in ieder geval moet hij deze verzoeking binnenshuis houden, zodat ze hem niet voortdrijft om door te breken tot een complete zonde in actie en kwaad doen:<em> erger u op geen enkele manier, om kwaad te doen<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>9. <em>Want de boosdoenders sullen uytgeroeyt worden; maer die den HEERE verwachten, die sullen de aerde erflick besitten.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>De profeet benadrukt deze aanwijzing bij verscheidene redenen, en in het bijzonder door zes vergelijkingen van de weg en het doel des Heeren met de goddelozen en met de godvrezenden, hoe voorspoedig de goddelozen voor een tijd ook zouden zijn en hoe verdrukt en beproefd de godvrezenden ook voor een tijd zouden zijn. De eerste vergelijking is in dit vers. Leer hieruit:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>Als sommigen die zich voor godvrezenden uitgeven, door de net genoemde verzoeking de weg van godzaligheid verlaten en de weg van de goddelozen volgen, dan zullen ze het loon van de goddelozen krijgen omdat zij hun weg hebben veranderd: <em>want boosdoeners zullen uitgeroeid worden<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Het is niet de tegenwoordige situatie waarin mensen zijn, waarop gezien moet worden, maar wat uiteindelijk van hen terecht zal komen. Want al de voorspoed van de goddelozen wordt in deze ene zin \/ dit ene vonnis van de Hoogste Rechter vernietigd: <em>boosdoeners zullen uitgeroeid worden<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Al is het dat de godvrezenden voor een tijd in een harde leerschool worden gehouden, zoals jonge erfgenamen in hun minderjarigheid, toch zal hun erfenis in de hemel [afgebeeld door het land Kana\u00e4n] voor hen gereserveerd blijven; en ondertussen hebben zij, omdat zij in Christus erfgenaam zijn, een gegrond recht op w\u00e1t voor deel in deze wereld God hun ook maar zal toestaan. Zij hebben het gebruik daarvan met een goed geweten, en zij zullen op aarde blijven zolang God werk voor hen heeft, hoe graag de goddeloze hen ook als onwaardigen uit de wereld wilden uitwerpen. En als zij uit het ene land verbannen worden, weten zij dat <em>de aarde en haar volheid van de Heere is<\/em>; en zij leven m\u00e9\u00e9r tevreden in die omstandigheid dan de goddelozen in hun warme nest: want <em>zij<\/em> <em>die de HEERE verwachten, zij zullen de aarde be\u00ebrven<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>10. <em>Ende noch een weynich, ende de godtloose en salder niet zijn; ende ghy sult acht nemen op sijne plaetse, maer hy en salder niet wesen.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>11. <em>De sachtmoedige daerentegen sullen de aerde erflick besitten; ende hen verlusten over grooten vrede.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>Leer van de tweede vergelijking van de goddelozen en de godvrezenden:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>We moeten niet snel een oordeel vellen om de weg van hen die voorspoed hebben, goed te keuren, of de weg van hen die tegenspoed hebben, af te keuren; maar we moeten wachten op Gods Woord totdat God van de hemel af Zijn oordeel over beiden toont. Dit zal wat betreft de goddelozen niet lang op zich laten wachten, want <em>nog een weinig, en de goddeloze zal er niet zijn; en u zult acht nemen op zijn plaats, maar hij zal er niet wezen<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Onderwerping aan Gods bedeling verzacht alle moeiten, en vergroot het goede van elke weldaad. En een goede opvatting van Gods omgang met ons brengt veel vrede en gemoedsrust met zich, en verrijkt ons deel:<em> de zachtmoedigen zullen de aarde be\u00ebrven, en zich verlustigen over overvloed van vrede<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>12. <em>De godtloose bedenckt listige aenslagen tegen den rechtveerdigen; ende hy knerst over hem met sijne tanden.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>13. <em>De Heere belacht hem, want hy siet dat sijn dach komt.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>14. <em>De godtloose hebben \u2019tsweert uytgetrocken, ende haren boge gespannen, om den elendigen ende nootdurftigen neder te vellen; om te slachten, die oprecht van wege zijn.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>15. <em>[Maer] haer sweert sal in haerlieder herte gaen; ende hare bogen sullen verbroken worden.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>De derde vergelijking van de goddelozen en de godvrezenden lost een twijfel op, wanneer de godvrezenden in hun nederige omstandigheid geen levensmogelijkheid hebben in de nabijheid van de goddelozen, maar hun leven is ook in gevaar door hun listige plannen om de vernietiging van de godvrezenden te bewerken. Leer hieruit:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>De godvrezenden hebben niet alleen te worstelen tegen de welvarende omstandigheid van de goddelozen, maar ook met hun dodelijk haat:<em> de goddeloze bedenkt listige aanslagen tegen de rechtvaardige, en hij knerst over hem met zijn tanden<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>De godvrezenden moeten de Heere Partij maken tegen de goddelozen en moeten Zijn gerechtigheid, macht en wijsheid stellen tegen de vijandschap van de goddelozen. Want al worden de godvrezenden gedwongen te treuren bij hun dreigingen, toch is hun plannenmakerij en gepraat tegen de godvrezenden, alsof ze iets vanuit zichzelf konden doen, belachelijk:<em> de HEERE lacht hen uit<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Als de godvrezenden de goddelozen zouden beschouwen zoals het Woord des Heeren over hen spreekt, dan konden zij op hun bluf zien als op de opschepperij van iemand op het schavot, die op het punt staat ge\u00ebxecuteerd te worden, want God <em>ziet dat zijn dag komt<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>De godvrezenden moeten zich voornemen om ook het openlijke geweld van de goddelozen te verdragen, en om als het ware het mikpunt voor hun pijlen te worden gemaakt, en als schede om hun zwaard in te steken, wat meer is dan hun woorden. Want <em>de goddelozen hebben hun zwaard uitgetrokken en hun boog gespannen<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Voordat er verlossing komt tot de godvrezenden, zullen zij zich in een zwakke conditie bevinden, om iets voor zichzelf te kunnen doen. Want hier zijn zij arm en ellendig, en de goddeloze denkt <em>hen neer te werpen<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Zij zijn de werkelijk godvrezenden, en zij zijn de voorwerpen van de gemene streken van de goddeloze, die voor hun innerlijke omstandigheid steunen op God bij het gevoel van hun armoede en nooddruft, en die in alles <em>zich oprecht gedragen<\/em>, zoals zij hier worden beschreven.<\/li>\n\n\n\n<li>Wanneer de goddelozen het dichtste erbij zijn om het volk des Heeren kwaad te doen, dan is het kwaad het dichtste bij hen:<em> hun zwaard zal in hun eigen hart gaan; en hun bogen zullen verbroken worden<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>16. <em>Het weynige, dat de rechtveerdige heeft, is beter als den overvloet veler godtloosen.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>17. <em>Want de armen der godtloosen sullen verbroken worden: maer de HEERE ondersteunt de rechtveerdige.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>De vierde vergelijking van de goddelozen en de godvrezenden lost een andere twijfel op met betrekking tot de weelde en macht van de goddelozen. Leer hieruit:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>Het ongelijk tussen iemands levensomstandigheid en de middelen van levensonderhoud bestaat niet in meer of minder overvloed van wereldse goederen, maar in Gods zegen. Omdat deze zegen de voorraad van de godvrezenden, of zij minder hebben of meer, vergezelt, daarom is het <em>weinige, dat \u00e9\u00e9n rechtvaardige heeft, beter dan de rijkdommen van vele goddelozen<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Het weinige aan levensmiddelen van de godvrezende zal voldoende zijn om de arme staande te houden, terwijl de macht en weelde van de goddeloze teniet wordt:<em> want de armen der goddelozen zullen verbroken worden; maar de HEERE ondersteunt de rechtvaardigen<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>18. <em>De HEERE kent de dagen der oprechten: ende hare erffenisse sal in eeuwicheyt blijven.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>19. <em>Sy sullen niet beschaemt worden in den quaden tijt; ende in de dagen des hongers sullen sy versadicht worden.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>20. <em>Maer de godtloose sullen vergaen; ende de vyanden des HEEREN sullen verdwijnen, als het costelicxte der lammeren; met den roock sullen sy verdwijnen.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>Leer van de vijfde vergelijking van de goddelozen en de godvrezenden:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>De godvrezenden hebben twee voordelen boven de goddelozen. E\u00e9n in dit leven en een ander in het leven dat komt. Wat het eerste betreft: van al de wisselvalligheden van gevaren en dagelijkse noden van de godvrezenden wordt door God op een speciale manier notie genomen, Die voor hen in hun omstandigheid de oefeningen\/beproevingen kiest en weegt, deze matigende in hun maat en tijd en ze verzachtende met een mengeling van vertroosting, en door ze tot hun best te keren, door hen te voorzien van al het nodige om hun oefeningen te verdragen, en door hun specifieke verlossingen te zenden, de ene na de andere: <em>want de HEERE kent de dagen der oprechten<\/em>. Wat betreft het komende leven heeft Hij voor hen een erfenis van gedurige zegen gereserveerd, die nooit van hen afgenomen zal worden:<em> hun erfenis zal in eeuwigheid zijn<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Hoewel de Heere de godvrezenden niet vrijwaart van het delen in algemene rampen met de goddelozen, toch zullen zij de bewijzen hebben van Gods gunst voor hen in de tijd van moeite, en zullen zij niet teleurgesteld worden in de vriendelijkheid, door God beloofd en door hen verwacht:<em> zij zullen niet beschaamd worden in de kwade tijd<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Wat voor tekort of gebrek aan schepsel-troost er ook mag zijn, de godvrezenden zullen voorzien worden tot hun redelijke verzadiging:<em> in de dagen van honger zullen zij verzadigd worden<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Wanneer de goddelozen zeer gul worden behandeld, is het slechts: hen voeden als beesten voor de slager. Al hun heerlijkheid zal vergaan en zijzelf zullen in Gods toorn worden vernietigd:<em>maar de goddelozen zullen vergaan, de vijanden des HEEREN zullen zijn als het vet van lammeren; zij zullen verdwijnen, in rook zullen zij verdwijnen<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>21. <em>De godtloose ontleent ende en geeft niet weder; maer de rechtveerdige ontfermt sich, ende geeft.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>22. <em>Want sijne gesegende sullen de aerde erflick besitten; maer sijne vervloeckte sullen uytgeroeyt worden.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>Leer van de zesde vergelijking:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>Midden in de overvloed van de goddeloze, lijdt hij vaak gebrek, alsof hij een arm mens was. Als hij veel bezittingen heeft, heeft hij er veel mee te stellen, en vaak is hij niet in staat om zijn verplichtingen na te komen zonder te lenen. En wanneer hij heeft geleend, is hij \u00f3f niet in staat \u00f3f niet gewillig om terug te betalen. En zo is hij maar een ellendige stakker, met alles wat hij heeft. Of hij is een overdadige verkwister en bedrieger van zijn crediteuren:<em> de goddeloze leent en geeft niet terug<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Daar tegenover gaat de rechtvaardige, door zijn godzalige gedrag, met het weinige dat God hem geeft, z\u00f3 goed om dat hij niet hoeft te lenen. Hem ontbreekt niets voor enig goed werk waartoe God hem roept, en hij kan voorzien in de benodigdheden van anderen:<em> de rechtvaardige ontfermt zich, en geeft<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>De zegen van God over de godvrezende maakt het verschil tussen hen en de goddeloze, want het is voor hem even goed als de erfenis van de hele aarde. Maar de vloek van God ontwortelt de goddeloze uit de aarde, want <em>zulken<\/em>, zegt hij, <em>die door Hem gezegend zijn, zullen de aarde be\u00ebrven, en zij die vervloekt zijn, zullen uitgeroeid worden<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>23. <em>De gangen [desselven] mans worden van den HEERE bevesticht; ende hy heeft lust aen sijnen wech.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>24. <em>Als hy valt, so en wort hy niet wech geworpen: want de HEERE ondersteunt sijne hant.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>25. <em>Ick ben jonck geweest, oock ben ick oudt geworden, maer en hebbe niet gesien den rechtveerdigen verlaten; nochte sijn zaet soeckende broot.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>26. <em>Den gantschen dach ontfermt hy sich, ende leent; ende sijn zaet is tot segeninge.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>Hij sluit de bekrachtiging van de zesde aanwijzing af met een opsomming van enige voorrechten van de godvrezenden, waarvan hij sommige in zijn eigen tijd gadesloeg. Leer hieruit:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>De voorrechten van de godvrezende zijn zo groot dat het hem moet tevreden stellen, al is zijn uitwendige voorspoed en rijkdom niet zo als hij meent dat de goddeloze heeft. Want God onderwijst de godvrezende hoe zich in zijn persoonlijke daden wijs en heilig te gedragen:<em> de stappen van een goed mens worden door de HEERE geleid<\/em>. Hij keurt de koers die de godvrezende gaat, goed:<em> Hij heeft lust aan zijn weg<\/em>. Hoewel de godvrezende in een zonde valt of door zijn zonde een rampspoed over zich haalt, toch herstelt de Heere hem weer: <em>hoewel hij valt, zal hij niet totaal worden neergeworpen<\/em>; en opdat hij niet vergaat wanneer hij valt, zal de Heere hem bewaren door hem te ondersteunen: <em>de Heere houdt hem vast met Zijn hand<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Al is het dat de Heere de godvrezenden niet zal vrijwaren van armoede, net zomin als hun nageslacht; al veronderstellen we dat de kinderen ook godvrezend zijn, als het Hem goed dunkt hen zo te oefenen; toch heeft de Heere de voorbeelden van zulke ellende zo zeldzaam gemaakt, dat een man van middelbare leeftijd weinigen of geen enkele van hen kon zien bedelen, in het bijzonder in de tijd van de profeet, toen God door uiterlijke weldaden Zijn volk trainde in de hoop op geestelijke dingen, zoals David hier getuigt.<\/li>\n\n\n\n<li>Het is een gave van God om dat wat iemand van God krijgt, zo te gebruiken dat anderen ermee geholpen worden: <em>de godvrezende is altijd barmhartig, en leent uit<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>De beste weg om een zegen tot ons huis en nageslacht te brengen is om zelf godvrezend te zijn, want <em>het zaad van de godvrezende is gezegend<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>27. <em>Wijckt af van het quade, ende doet het goede; ende woont in eeuwicheyt.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>28. <em>Want de HEERE heeft het recht lief, ende sal sijne gunstgenooten niet verlaten; in eeuwicheyt wordense bewaert; maer het zaet der godtloosen wort uytgeroeyt.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>29. <em>De rechtveerdige sullen de aerde erflick besitten; ende in eeuwicheyt daer op woonen.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>Leer van de zevende aanwijzing en de redenen daarvan, die ons onderwijzen hoe ons te beschermen tegen ge\u00efrriteerd zijn over en jaloers zijn op de voorspoed van de goddeloze:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>Een belediging te beantwoorden met een andere belediging, of kwaad met kwaad te vergelden, of na te laten goed te doen waar het niet verdiend is, is niet de weg om gezegend te worden. Maar integendeel: de weg om blijvend geluk te bezitten is <em>af te wijken van het kwaad en goed te doen. Zo zal iemand voor altijd wonen<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>De liefde die de Heere heeft voor rechtvaardigheid is de oorzaak waarom het niet anders dan goed kan zijn met de rechtvaardigen, want <em>de HEERE heeft het recht lief<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>De Heere kan Zijn volk terecht oefenen met moeite, maar toch zal Hij Zich van hen in die moeite niet onttrekken, maar hen steunen en gezelschap houden en hen tot het einde toe behouden: <em>Hij<\/em> <em>zal Zijn gunstgenoten niet verlaten; voor eeuwig worden zij bewaard<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Zoals goddeloosheid de meest directe weg is om iemand met zijn gezin van de aarde uit te roeien, zo is rechtvaardigheid de weg om iemands gezin te bevestigen en om hem zelf te brengen tot een stevige bewoning bij God voor eeuwig, want <em>het zaad der goddelozen zal uitgeroeid worden<\/em>.<em> De rechtvaardigen zullen het land be\u00ebrven, en in eeuwigheid daarin wonen<\/em>, dat is, in de hemel door dat land afgebeeld.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>30. <em>De mont des rechtveerdigen vermeldt wijsheyt; ende sijne tonge spreeckt het recht.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>31. <em>De wet sijns Godts is in sijn herte; sijne gangen en sullen niet slibberen.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>Omdat er zo veel is gesproken over de rechtvaardige, beschrijft hij hem door drie eigenschappen. Ten eerste in zijn woorden, ten andere in zijn genegenheden, en ten derde in zijn bewuste acties en de koers van zijn levensweg. Leer hieruit:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>De rechtvaardige spant zich in om in zijn gesprekken God te verheerlijken en degenen met wie hij spreekt, te stichten. En in alle dingen is hij een waarheidsvriend: <em>de mond van de rechtvaardige spreekt wijsheid, en zijn tong spreekt over het recht<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Wat betreft zijn genegenheden: hij heeft lief wat door God is bevolen, en haat wat hem is verboden, omdat God hem met Zich in een verbond heeft genomen om de Zijne te zijn:<em> de wet van God is in zijn hart<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Wat betreft zijn levensgang: wat voor verleiding hij ook ontmoet om hem van het geloof en de gehoorzaamheid aan God af te brengen, hij zal geen andere weg kiezen dan de wet van zijn God:<em> geen van zijn stappen zal uitglijden<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>32. <em>De godtloose loert op den rechtveerdigen; ende soeckt hem te dooden.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>33. <em>[Maer] de HEERE en laet hem niet in sijne hant: ende hy en verdoemt hem niet, als hy geoordeelt wort.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>Ter verduidelijking en bevestiging van de zevende aanwijzing beantwoordt hij een tegenwerping van de vervolgingen waaraan de rechtvaardigen onderworpen zijn door de goddelozen. Leer hieruit:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>Tijdelijke zegeningen of weldaden zijn niet z\u00f3 aan de godvrezenden beloofd, dat zij vrij zullen zijn van moeiten, kruisen en vervolgingen. Want de Heere gebruikt deze, tot Zijn Eigen eer, tot opbouw van Zijn kerk, tot overtuiging van Zijn vijanden en tot vervolmaking van Zijn kinderen in heiligheid, om de goddelozen toe te laten de godvrezenden te jagen en te vervolgen, zelfs ten dode: <em>de goddeloze loert op de rechtvaardige, en zoekt hem te doden<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>De goddeloze kan de rechtvaardige te pakken krijgen als persoon, kan valse beschuldigingen tegen hem inbrengen en hem voor de rechters brengen, en toch niet zijn zin krijgen tegen hem, om hem van zijn rechtvaardige zaak af te drijven, want <em>de HEERE zal hem niet in zijn hand laten<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Al zou het zijn dat de rechtvaardige door vervolgingen geoordeeld wordt en onterecht ter dood veroordeeld, toch zal hij meer dan overwinnaar zijn door God Die hem liefheeft en voor hem zorgt: want God zal <em>hem niet verdoemen, wanneer hij geoordeeld wordt<\/em>. En dat zal voor hem voldoende zijn, w\u00e1t het vlees ook hem kan aandoen.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>34. <em>Wacht op den HEERE, ende houdt sijnen wech, ende hy sal u verhoogen om de aerde erflick te besitten; ghy sult sien, dat de godtloose worden uytgeroeyt.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>35. <em>Ick hebbe gesien eenen gewelt-drijvenden godtloosen; die sich uytbreydde, als een groene inlantsche boom.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>36. <em>Maer hy ginck door, ende siet hy en wasser niet [meer]; ende ick sochte hem, maer hy en wert niet gevonden.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>De achtste aanwijzing is om op God te wachten en Zijn weg te houden. Dit dient er met de vorige aanwijzing toe om het hart van de godvrezende te beschermen tegen alle verzoekingen om ge\u00efrriteerd, jaloers, kwaad en wedijverig te zijn vanwege de schijnbaar voorspoediger omstandigheid van de goddeloze in de wereld, dan die van hemzelf. En deze aanwijzing wordt bevestigd door vijf redenen. Leer hieruit:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>Wie in God gelooft, moet geen haast maken en zaken te snel beoordelen zoals ze voor het tegenwoordige schijnen te zijn, maar die moet opletten totdat God Zijn Woord waar maakt: <em>wacht op de HEERE<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Het echt geduldig hopen en wachten op God moet vergezelschapt zijn met ijver om Gods aanwijzingen te gehoorzamen:<em> wacht op de HEERE en houd Zijn weg<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Hoewel de godvrezenden voor een tijd ten onder worden gehouden en vernederd, toch zal God hen verhogen tot een aangename staat:<em> Hij zal u verhogen, om het land te be\u00ebrven<\/em>. Deze belofte is de eerste reden om ons ertoe te bewegen op de Heere te wachten. In elke generatie zullen sommige goddelozen voor de ogen der godvrezenden tot een schouwspel gemaakt worden van Gods gedreigde oordeel om verzekering te geven van Zijn oordeel, dat Hij de rest op zijn tijd ten val zal brengen, en op hen al het kwaad door hen tegen de godvrezenden verricht, zal wreken: <em>wanneer de goddelozen worden uitgeroeid, zult gij het zien<\/em>. En dit is het tweede argument om de aansporing te bevestigen.<\/li>\n\n\n\n<li>Hoe de goddelozen voor een tijd roemrijk in de wereld schenen te zijn, en hoe zowel zij als hun glorie na korte tijd verdwenen, moet iedereen in zijn leven opmerken en waarnemen, zoals de profeet hier toont dat hij zijn waarnemingen had in zijn leven, vers 35 en 36. En dit is de derde reden om de aanwijzing te bevestigen, die genomen is uit de ervaring met betrekking tot de goddelozen.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>37. <em>Lett op den vroomen, ende siet nae den oprechten; want het eynde van [dien] man sal vrede zijn.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>38. <em>Maer de overtreders worden te samen verdelcht: het eynde der godtloosen wort uytgeroeyt.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>De vierde reden tot de aanwijzing komt voort uit de gelukkige afsluiting van de levensloop van de godvrezenden, en de zekere ondergang van de goddelozen. Leer hieruit:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>De Heere geeft zoveel opmerkelijke voorbeelden van het troostrijke vertrek van de godvrezenden uit dit leven, dat het zekerheid geeft dat al de oprechten zullen sterven in Gods gunst. <em>let op de oprechte; want het einde van die man is vrede<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Of mensen nu wel of niet getuige zijn van het vertrek van de goddelozen, een ieder en allen sterven in een wanhopige situatie: zij zijn beroofd van hemel en aarde, en zij vergaan, ziel en lichaam, bij het uitblazen van hun adem:<em> overtreders worden tezamen verdelgd; het einde der goddelozen zal worden uitgeroeid<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>39. <em>Doch het heyl der rechtveerdigen is van den HEERE; hare sterckte ter tijt van benaeuwtheyt.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>40. <em>Ende de HEERE salse helpen, ende salse bevrijden; hy salse bevrijden van de godtloose, ende salse behouden: want sy betrouwen op hem.<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>De laatste reden om mensen te bewegen op God te wachten, is (ontleend) aan Zijn zorg voor de godvrezenden. Leer hieruit:<\/p>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>Hoe hard de omstandigheid van de godvrezenden ook is, de Heere heeft wegen, Hem eigen, om hen te bewaren en te redden. Ja, de Heere heeft besloten en heeft Zijn Woord gegeven dat Hij hen zal redden: <em>het heil der rechtvaardigen is van de HEERE<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Zo lang het God behaagt de moeite van de rechtvaardigen te laten voortduren, zal Hij hen zo nu en dan troosten, en wanneer troost wordt uitgesteld, zal Hij hen in staat stellen om hun moeite te dragen:<em> Hij is hun Sterkte in tijd van moeite<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Wanneer de godvrezenden in hun moeite hun eigen gebreken en zwakheid ondervinden, zal Hij voorzien in wat in hen ontbreekt, totdat de verlossing komt:<em> de HEERE zal hen helpen, en hen bevrijden<\/em>.<\/li>\n\n\n\n<li>Al zijn de moeiten van de godvrezenden veel, in het bijzonder van hun goddeloze vervolgers, toch zullen zij door geloof in God hun geweten rein bewaren. Hun zaak houden zij in tact en hun zielen zullen zij in veiligheid hebben, al doen hun vervolgers ook wat ze kunnen:<em> Hij zal hen bevrijden van de goddelozen, en hen behouden, want zij betrouwen op Hem<\/em>.<\/li>\n<\/ol>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Voor het Engelse origineel, zie: http:\/\/classicchristianlibrary.com\/library\/dickson_david\/Dickson-Psalms-v1.pdf Psalm 37 1)1. [EEn Psalm] Davids. 1) De Bijbeltekst geef ik in de oorspronkelijke Statenvertaling, editie 1637 Voor de oudere vertaling (Deux-Aes) zie: https:\/\/www.bijbelsdigitaal.nl\/view\/?bible=deuxa1562 Deze Psalm is er op gericht de godvrezenden te beschermen tegen de gewone verzoekingen tot afgunst, wedijver, ontevredenheid en moedeloosheid in de weg van godzaligheid, [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":2,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"jetpack_post_was_ever_published":false,"_jetpack_newsletter_access":"","_jetpack_dont_email_post_to_subs":false,"_jetpack_newsletter_tier_id":0,"_jetpack_memberships_contains_paywalled_content":false,"_jetpack_memberships_contains_paid_content":false,"footnotes":"","jetpack_publicize_message":"","jetpack_publicize_feature_enabled":true,"jetpack_social_post_already_shared":true,"jetpack_social_options":{"image_generator_settings":{"template":"highway","default_image_id":0,"font":"","enabled":false},"version":2}},"categories":[107],"tags":[],"class_list":["post-1585","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-dickson"],"views":10,"jetpack_publicize_connections":[],"jetpack_featured_media_url":"","jetpack_sharing_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/dswpieters.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/1585","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/dswpieters.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/dswpieters.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/dswpieters.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/users\/2"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/dswpieters.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=1585"}],"version-history":[{"count":2,"href":"https:\/\/dswpieters.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/1585\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":1591,"href":"https:\/\/dswpieters.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/1585\/revisions\/1591"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/dswpieters.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=1585"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/dswpieters.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=1585"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/dswpieters.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=1585"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}