Dat Hij om mijne zonden
In smaadheid en in pijn,
Zich slaan liet en verwonden…;
Dat doet mij zalig zijn!
Dat Hij om mijnentwille
De straf gedragen heeft…;
Dat maakt mijn harte stille;
Mijn ziel weer vrede geeft!
Dat God deez’ Man van smarten
Niet antwoordd’ op Zijn klacht…;
Brengt mij de troost mijns harten
In ‘t woord “Het is volbracht!”
Dat Hij, Die zo verheven
Is boven u en mij,
Zich zó ons heeft gegeven…;
Dat is te groot voor mij!
